Rijtjeshuis 2002 · ergens in de Randstad · ontwerp v8, 4 november 2026
Stadsverwarming eruit, Haier AW062 monoblock erin: wie kijkt mee naar mijn ontwerp en 13 open vragen?
Ik vervang afgekoppelde stadsverwarming (Eneco) door een Haier AW062MUGHA monoblock (6 kW, R290) met de ATW-A03N regelkast en de HW-WA101DBT bediening. Hydraulisch: Haier → 3-wegklep → (a) een Haier WT60V 60 L buffervat, parallel (4 aansluitingen) met een tweede pomp naar 6 Jaga-convectoren, en (b) een Haier WT200V boiler 200 L (spiraal 2,0 m², element 2,5 kW). Ruimteregeling blijft Honeywell Evohome; de BDR91 gaat potentiaalvrij naar CN13 ZONE1 ON/OFF. Een installatiebedrijf voert alles uit (ISDE).
De Haier-documentatie laat een paar dingen open. Wie heeft ervaring met de ATW-A03N / HW-WA101DBT of met een vergelijkbare opstelling? Het huis heeft nu geen verwarming en geen warm water, dus elke tip helpt.
Reageren: graag in het Tweakers-topic, met het vraagnummer erbij (bijv. “V7: bij mij is K = 230 V tijdens warm water, klep X …”). Klik op een nummer zoals V7 om een directe link naar die vraag te kopiëren, of gebruik het antwoordsjabloon.
18 GJ/jaarwerkelijk verbruik stadsverwarming (≈ 5.000 kWh), 4 jaar stabiel
≈ 2–3 kWpiekvraag op de koudste dag (uit het werkelijke verbruik)
6 kW R290Haier AW062MUGHA, al gekocht (dec. 2025)
60 L + 200 Lparallel buffervat WT60V + boiler WT200V
6 Jaga'sconvectoren, ontworpen voor ≈ 70 °C
3 × 25 Aaansluiting; groepenkast vol → aparte WP-kast
De 13 vragen
Per vraag staat eronder waar de context op deze pagina staat, en welke pagina's van de Haier-documenten ik al gelezen heb. IM = R290 Monobloc installatiehandleiding (22-01-2025) · DB = Engineering DataBook (SYJS-07-2024 REV.B) · ATW = ATW-A03N installatiehandleiding (2025-04-03). Paginanummers = gedrukte nummers.
A. Regelkast ATW-A03N en bediening HW-WA101DBT
V1 Welke tank-sensoringang bij één boilersensor: T_tank up (CN50) of T_tank down (CN48)?
De ATW-A03N heeft twee ingangen voor de boiler: CN50 "T_tank up" en CN48 "T_tank down". De Haier WT200V heeft maar één dompelbuis, laag in de flens van het element. Op welke ingang sluit je die ene sensor aan? Geeft de regeling foutcode E10 als de andere ingang leeg blijft, en moet je dan iets uitschakelen in het menu?
Context: ATW-A03N aansluitingen · WT200V · schema-onderdeel (5). Documenten: ATW p. 9 (CN48/CN50) · IM p. 39 (E10) · WT200V p. 6 en 8.
V2 Welke instelling is nodig zodat de BDR91 op CN13 ZONE1 ON/OFF werkt?
Ik wil Evohome (BDR91, potentiaalvrij contact) laten schakelen op CN13 ZONE1 ON/OFF. In het installatiemenu staat "Control Mode of Zone1": Main controller / Third party controller / Thermostat, en "Third Party Controller Type": Type 1 / Type 2. Ik denk: Third party controller, Type 2, en het HEAT/COOL-contact open laten (= verwarmen). Klopt dat? Stopt de compressor direct als ZONE1 open gaat, of maakt hij het buffervat eerst af?
Context: Evohome · instellingen. Documenten: IM p. 57–58 · DB p. 69 (third party control, Type 1/2) · ATW p. 11–12.
V3 Pendelen door Evohome: ervaring met BDR91 → ZONE1 ON/OFF bij een parallel buffervat?
Evohome schakelt de BDR91 ook bij de laagste stand nog 3× per uur (TPI, min. aan 5 min). Heeft iemand gemeten of een Haier dan gaat pendelen, ook met een 60 L parallel buffervat? Mijn terugvaloptie is: ZONE1 in de winter vast aan, en de BDR91 alleen pomp 2 laten schakelen (PUMP1-uitgang → BDR91 COM/NO → pomp 2). Is het BDR91-contact geschikt voor een pomp van ≈ 45 W op 230 V?
V4 Hoe moet de interne pomp van de Haier staan bij een parallel buffervat, en draait pomp 2 door tijdens warm water?
In "Indoor unit installation" staan "Pump Flow Rate Control Mode" (ΔT between out and in water / Constant speed duty out; standaard Constant speed) en "IDU Pump Duty Out" (0–100 %, standaard 0 %). Wat betekent 0 %: maximaal, automatisch of uit? Ik wil een vaste ≈ 1,0 m³/h (primair ≥ secundair). En: blijft de PUMP1-uitgang (pomp 2, radiatoren) aan tijdens het opwarmen van de boiler?
V5 Werkt "Schedule" ook voor warm water (tijdvenster 11:00–15:00)?
Ik wil de boiler alleen tussen 11:00 en 15:00 laten opwarmen (zonnepanelen), maar 's avonds toch bijwarmen als hij echt leeg raakt. Kan dat met "Schedule" (tijdblok met modus en temperatuur), bijvoorbeeld DHW 48 °C van 11–15 uur en ≈ 41 °C de rest van de dag? Of is de SG-ready-ingang (CN47) met een tijdschakelaar beter?
Context: zon vs. warmtepomp · instellingen. Documenten: IM p. 49–50 (Schedule), p. 56 (SG Ready), p. 57 (Tank Re-heat Temp.) · ATW p. 11–12.
V6 Energiemeter op CN52: welke kWh-meter met pulsuitgang?
De Haier kan zelf het verbruik tonen met een externe pulsmeter op CN52 EM ("Pulse Selection for power consumption": 1/10, 1/1, 10/, 100/kWh). Heeft de HomeWizard kWh-meter 1-fase een pulsuitgang (S0), of moet ik een Eastron SDM120 nemen? Heeft iemand dit aangesloten?
V7 Richting van de 3-wegklep: zet de Haier 230 V op K bij warm water?
De ATW-A03N heeft voor de 3-wegklep de klemmen L, N, K ("live, neutral, control"). Is K = 230 V tijdens warm water (en K = 0 bij ruimteverwarming)? Haiers eigen voorbeeldtekening noemt de boilerpoort "A" en de bufferpoort "B", andersom dan bij veel kleppen. Welke klep gebruiken jullie met een Haier (bijv. Rekx OKO1, VC6013-type), en moet je daar iets omzetten?
V8 Vloerverwarmingsgroep zonder (bekende) zuurstofsperre: platenwisselaar nodig?
In het huis zit een oude WTH-vloerverwarmingsunit (eigen Grundfos UPS 25-40, thermostatische mengklep) voor de badkamervloer, 4 jaar niet gebruikt. Als de blauwe vloerleiding geen zuurstofdichte laag heeft (geen opdruk "EVOH / zuurstofdicht / DIN 4726"): is een kleine platenwisselaar dan echt nodig, of volstaat iets anders? En kan zo'n groep met eigen pomp gewoon op de secundaire kant van het buffervat (naast de radiatoren)?
V9 Passen de Haier-sensoren (0150408957) in de dompelbuis van de WT200V en de meetpoort van de WT60V?
Heeft iemand de meegeleverde Haier-temperatuursensoren (onderdeelnr. 0150408957) in een Haier WT200V (dompelbuis in de flens) en een Haier WT60V (voorste meetpoort) gezet? Welke diameter heeft de sensor, en moest er een adapter of warmtegeleidende pasta bij?
Context: boiler & buffer · schema-onderdelen (4) en (5). Documenten: DB p. 129 · WT200V p. 8 · WT60V p. 2.
C. Boilerelement en elektra
V10 Welke thermostaat van het WT200V-element is instelbaar (RT of MT), en tot hoe hoog?
Het 2,5 kW-element van de Haier WT200V heeft volgens het schema twee thermostaten in serie: RT ("normal temperature thermostat") en MT (in het Duits "manueller Thermostat"). Welke is instelbaar en tot welke temperatuur? Ik wil de legionellacyclus op 60 °C zetten (standaard staat hij op 75 °C), dus de instelbare thermostaat moet minstens op 65 °C staan. Is MT een handmatig te resetten beveiliging?
Context: WT200V · Sterilization. Documenten: WT200V p. 5 (MT/RT/EH/HL) · IM p. 54 (Sterilization 50–75 °C, standaard ma 23:00, 75 °C).
V11 Kabeltype: XMvK/YMvK of H07RN-F naar de buitenunit?
Haier schrijft H07RN-F "or the electrically equivalent type" voor, voor de voeding en de verbindingskabels. Mag het vaste deel naar de voorgevel in XMvK/YMvK 3 × 4 mm², met alleen het laatste flexibele stuk in H07RN-F? Wat doen installateurs hier in de praktijk (NEN 1010)?
Context: WP-kast, E2/E5. Documenten: IM p. 7 en vanaf p. 29 · DB p. 19 (min. 4 mm², MCA 13,5 A, MFA 16 A).
D. Overig
V12 Jaga-convectoren op 45–55 °C: genoeg vermogen in de koudste kamers?
Mijn Jaga's zijn gedimensioneerd voor stadsverwarming (≈ 70 °C). De kleinste: 10,5 × 72 cm (koudste kamer, zolder) en 20 × 72 cm. Wie heeft ervaring met Jaga's op 45–55 °C aanvoer? Is een DBE-booster of een grotere Jaga meestal nodig?
V13 Prijscheck: 20 A RCBO type A, isolatie ≥ 30 mm, verhoogde voet
Klopt een prijs van ≈ €30–55 voor een RCBO 20 A, 30 mA, type A, 1P+N (Hager ADA920G / ABB DS201 B20 A30), ≈ €60–110 voor 10 m isolatie van 30 mm, en ≈ €20–50 voor een verhoogde voet voor de buitenunit? Waar kopen jullie dit het voordeligst?
Context: onderdelen & kosten. Documenten: IM p. 26 (isolatie ≥ 30 mm), p. 19–20 (opstelling).
Ook welkom: commentaar op de onderdelenkeuze (boiler, buffervat, 3-wegklep, pomp, antivriesventielen) of op iets wat ik helemaal over het hoofd zie.
1. Het huis en de oude situatie
Type
Rijtjeshuis, bouwjaar 2002, ergens in de Randstad
Woonoppervlak
145 m² over 3 verdiepingen; fundering 12,4 × 5,4 m (≈ 67 m² per laag)
Eneco-stadsverwarming, direct systeem: het netwater ging rechtstreeks door de radiatoren (geen eigen pomp of expansievat). Tapwater via een platenwisselaar. Afleverset verwijderd in maart 2026; nu geen verwarming en geen warm water.
Kamers zonder verwarming bij −6 °C buiten
Laag
Kamer
m²
Temp.
Jaga (h × l)
Regeling
bg
Woonkamer
43
13 °C
19×140 + 19×135
HR92
1
Ouders
21
12 °C
19×92
handmatig, altijd open
1
Kind
19
12 °C
9,5×201
HR92
2
Werkkamer
23
11 °C
20×72 ⚠
HR92
2
Meditatiekamer
13
10 °C
10,5×72 ⚠
HR92
2
Badkamer
4
14 °C
klein, maat onbekend
T87RF
De meditatiekamer is het koudst: één buitenmuur meer dan de rest. De andere kamers grenzen aan verwarmde buren.
Voorgevel van boven. Geel = meditatiekamer (2e verdieping, onder het dak, koudste kamer), groen = slaapkamer 2. Op het dak de zonnepanelen.
Warmtevraag uit het werkelijke verbruik
18 GJ/jaar stadswarmte (4 jaar stabiel) = ≈ 5.000 kWh, voor verwarming én tapwater.
Tapwater: 11 douchebeurten/week (2 volwassenen, 2 tieners), 8 L/min → ≈ 970 kWh; keuken ≈ 225 kWh; verliezen van de oude set ≈ 330 kWh → ≈ 1.530 kWh.
Ruimteverwarming ≈ 3.470 kWh/jaar ÷ 1.400–1.800 vollasturen → ≈ 1,9–2,5 kW, met marge 2–3 kW op de koudste dag.
Een ruwe schatting per kamer (alles 20 °C, hele dag) geeft 4,1–5,1 kW bij −6 °C; het werkelijke gebruik is zuiniger (zonering, koele slaapkamers).
Een warmteverliesberekening (ISSO 51) laat ik door de installateur doen.
Haier AW062 (max.)
Water 45 °C
50 °C
55 °C
−7 °C buiten
5,2 kW · COP 3,0
4,8 · 2,7
4,3 · 2,4
−10 °C buiten
5,0 kW · COP 2,8
4,5 · 2,5
3,9 · 2,2
Bron: Engineering DataBook. Minimaal vermogen ≈ 1,2–1,6 kW, terwijl het huis in voor- en najaar maar 0,3–1 kW vraagt. Daarom een buffervat.
De leidingen in de meterkast
Op de rail zitten vier gedopte aansluitingen, gestempeld KW – WW – A – R: 1 koud water in, 2 warm water naar de tappunten, 3 aanvoer radiatoren, 4 retour radiatoren. De oude Honeywell VC8015-zoneklep op leiding 4 wordt vervangen door een recht koppelstuk. Het fitting onder leiding 1 is de oude, lekkende inlaatcombinatie; die wordt vervangen en de afvoer naar het riool wordt hergebruikt.
2. Hydraulisch ontwerp (Plan B)
Principeschema v7 (klik om te vergroten; klik nogmaals voor 100 %). Het schema toont hoe alles verbonden is, niet waar het staat. Poorthoogtes in mm boven de vloer, uit de Haier-tekeningen (±10 %). De schematekst is in het Engels.
Impressie van het eindresultaat
AI-impressie, geen foto. Zo ongeveer moet het eruitzien; er is nog niets geïnstalleerd. Het schema hierboven is leidend.
Zonder nummers. Links de buitenunit op een verhoogde voet, in het midden de berging met buffervat en boiler, rechts de meterkast.Met nummers (ongeveer volgens het schema). Enkele labels kloppen niet met het ontwerp: "8" staat er twee keer op en "15" drie keer; "16" en "17" (manometer en vulset) staan boven op het buffervat; "4" (de buffersensor) wijst naar een manometer; "E6" wijst naar een bestaande kast in plaats van naar de kWh-meter in de nieuwe WP-kast. Het ontwerp zelf klopt; alleen de afbeelding wijkt af.
Principe: twee kringen met een parallel buffervat
Kring 1, Haier ↔ buffervat / boilerspiraal. De interne pomp van de Haier (PUMP_0, "pomp 1") draait ≈ 1,0 m³/h. In kring 1 zit niets dat kan sluiten. Direct na de Haier zit de 3-wegklep: verwarmingspoort → buffervat, DHW-poort → boilerspiraal. Poorten heten hier naar functie, omdat de letters per fabrikant verschillen (V7).
Kring 2, buffervat ↔ radiatoren. Pomp 2 (Wilo Para 25/6, Δp-v, 0,6–0,8 m³/h) zuigt uit de bovenste rechtse poort van de WT60V en stuurt naar leiding 3. De retour (leiding 4) gaat alleen naar de onderste rechtse poort, nooit rechtstreeks naar de Haier-retour.
WT60V 60 L parallel (4 × 1¼"): scheidt de kringen, vangt de ontdooiing op en zorgt bij lage last voor ≈ 1 start per uur (6 K schakelband ≈ 0,42 kWh per cyclus).
WT200V 200 L: spiraal 2,0 m² in tegenstroom (in op 930 mm, uit op 290 mm). Boiler op 48 °C, opwarmen bij voorkeur 11–15 uur. Legionella: zondag 13:00 naar 60 °C, laatste graden met het 2,5 kW-element via het ingebouwde relais van de ATW-A03N.
Gezamenlijke retour (J1): expansievat 18 L (voordruk 1,0 bar, kappenventiel) → Dirtmag → Y-filter → Haier.
Een specialist die op 3 november langskwam, tekende hetzelfde principe (foto's).
Vul-/aftapkraan, manometer 0–4 bar, vulset EN 1717
Bijvulaansluiting WT60V; slang na het vullen weg
7 / 8
Magnetische vuilafscheider / Y-filter (bij de Haier)
Gezamenlijke retour
9
Expansievat 18 L, voordruk 1,0 bar, kappenventiel
Gezamenlijke retour, tussen J1 en 7
12
Nieuwe inlaatcombinatie 8 bar (KIWA)
Leiding 1 → boiler ⑥
13
Thermostatische mengkraan ¾", 50–55 °C
Boiler ① → leiding 2; koud na 12
14 / 15
Pompafsluiters
Rond pomp 2
18 / 19 / 20
T&P-ventiel (meegeleverd) / aftapkraan ¾" / trechter met sifon
Boiler ② / ⑦ / naast de boiler of bestaande afvoer
21
Optioneel drinkwater-expansievat 8–12 L
Tussen 12 en ⑥
22
Element 2,5 kW (in de boiler)
Via het tank-heater-relais in de ATW-A03N
23
Bestaande WTH-vloerverwarmingsgroep
T-stuk op leiding 3 + 4; winter 1 dicht
Aansluittabel per poort
Van
Via
Naar
Opmerking
Haier uitgang R1" bu
1 → 2 → 3
3-wegklep AB 1"
28 mm
3-wegklep verwarmingspoort
–
WT60V boven links (≈ 500 mm)
verloop 1¼" bu × 1" bi
3-wegklep DHW-poort
–
WT200V ④ spiraal in G1 (930 mm)
wartel
WT200V ⑤ spiraal uit (290 mm) + WT60V onder links (264 mm)
–
J1
T-stuk 28 mm
J1
9 → 7 → 8 → 10 → 11
Haier ingang R1"
Y-filter in stroomrichting
WT60V boven rechts
14 → pomp 2 → 15
leiding 3
pijl weg van het vat
leiding 4
–
WT60V onder rechts
alleen hier
leiding 1 (koud)
12 (→ 21)
WT200V ⑥ G1 (245 mm)
overgang 1" × 22 mm
WT200V ① G1 (1.055 mm)
13
leiding 2
–
WT200V ② G¾ (1.055 mm)
18
trechter 20
afvoer altijd open, naar beneden
Watervolume en expansievat
Radiatoren ≈ 8–14 L, leidingen ≈ 15–20 L, buffervat 60 L, spiraal ≈ 10–12 L, Haier + buitenleidingen ≈ 5–10 L → ≈ 100–115 L (fase 2 met vloerlussen ≈ 130 L). Uitzetting 10 → 75 °C ≈ 3,0 L + 3,0 L reserve. Statische hoogte 6 m → voordruk 1,0 bar; pe 2,5 bar (veiligheid 3 bar) → nuttig deel 0,43 → ≈ 14 L totaal − 4,5 L ingebouwd ≈ 9,5 L → gekozen 18 L. Haier: het ingebouwde 4,5 L-vat is genoeg voor max. 78 L (IM p. 26). Vuldruk koud 1,5 bar, warm 1,8–2,2 bar.
3. Regeling: Evohome, ATW-A03N en instellingen
Rol van Evohome
ATC928 + app, HR92's, T87RF
Ongewijzigd: temperatuur en schema per kamer
BDR91
Wordt boiler relay / warmtevraag (niet zoneklep). COM/NO potentiaalvrij naar CN13 ZONE1 ON/OFF. De oude 24 V-draden van de VC8015 gaan eerst van het contact af. Cyclusfrequentie 3/u (laagste), min. aan 5 min.
VC8015-zoneklep
Verwijderd (recht koppelstuk), trafo eruit
Ouderslaapkamer
Handmatige knop blijft open = minimale doorstroming kring 2
Taakverdeling
Evohome bepaalt welke kamers en of er warmte nodig is. De Haier bepaalt hoe warm (stooklijn), houdt buffer en boiler op temperatuur en schakelt pomp 2 (CN37 PUMP1).
Aansluitingen in de ATW-A03N
Apparaat
Klem
Opmerking
3-wegklep
"3-way Valve" L, N, K (sterkstroom 1–3)
Verwacht: K spanning = DHW, K spanningsloos = verwarming. Niet in de documenten → V7
Omdat Evohome voor cv-ketels gemaakt is en tot 3× per uur schakelt, meet ik de eerste 14 dagen de compressorstarts met de kWh-meter E6 (vermogen > 300 W = start). Beoordeling bij +5 tot +12 °C:
Resultaat
Betekenis
Actie
≤ 2 starts/uur en runs ≥ 15 min
Goed
Niets
3–4 starts/uur of runs 10–15 min
Grensgeval
ΔT for Heating On 6 → 8 K; Evohome-instellingen nakijken
> 4 starts/uur of runs < 10 min
Pendelen
Plus stooklijn 1–2 °C lager; geen verbetering na 3 dagen → terugvaloptie
Starts precies als de BDR91 schakelt
Evohome stuurt het pendelen
Terugvaloptie
Terugvaloptie: ZONE1 in het stookseizoen vast aan, zodat de Haier alleen op T_buffer regelt. Het BDR91-contact gaat in de fase van pomp 2: CN37 PUMP1 L → BDR91 COM → NO → pomp 2. Pomp 2 draait dan alleen als de Haier het toestaat én Evohome warmte vraagt (V3).
4. Boiler WT200V en buffervat WT60V
Haier WT200V-SCA3E(EU)
Inhoud
200 L (193 L netto)
Spiraal
2,0 m², max. 10 bar / 80 °C
Ketel
Geëmailleerd staal, magnesiumanode bovenin (≥ 40 cm vrij)
Druk
8,5 bar nominaal, max. 9,5 bar → inlaatcombinatie 8 bar
Element
2,5 kW, 230 V, thermostaten RT + MT in serie (V10)
Warmteverlies
65 W (ErP C)
Maat
Ø 600 × 1.320 mm, vol ≈ 260 kg
Poorten (één kant)
① warm G1 1.055 · ② T&P G¾ 1.055 · ④ spiraal in G1 930 · ⑤ spiraal uit G1 290 · ⑥ koud G1 245 · ⑦ aftap G¾ 245 mm · één dompelbuis in de flens
Haier WT60V-NCA5(EU)
Inhoud
60 L, 8 bar, 0–90 °C
Maat
Ø 482 × 738 mm, vol ≈ 85 kg, staand, met hoekbeugels vastzetten
Isolatie
50 mm PU, ≈ 39 W bij 65 °C (≈ 13–15 W bij 35 °C)
Waterpoorten
4 × 1¼" bi (DN32): BL/BR ≈ 500 mm, OL/OR 264 mm
Overig
Ontluchting boven ¾" · meetpoort voor (≈ 380 mm) · bijvulaansluiting · magnesiumstaaf (los meegeleverd)
Opstelling: naast elkaar op de vloer in de berging aan de voorkant (plattegrond), zo dicht mogelijk bij de meterkast (≈ 1,2 m wandbreedte, 0,65 m diep). Het buffervat op de boiler stapelen viel af: ≈ 2,6 m hoog en de anode is dan niet bereikbaar. Een combinatietoren viel ook af: geen betrouwbare verkoper.
Drinkwaterzijde: nieuwe KIWA-inlaatcombinatie 8 bar; T&P-ventiel op ②; thermostatische mengkraan 50–55 °C op ① (koud ná de inlaatcombinatie); wekelijkse legionellacyclus ≥ 60 °C. Elke opwarming laat ≈ 3 L uit de overloop druppelen; een drinkwater-expansievat (21) is optioneel.
5. Bestaande vloerverwarming (WTH-groep)
In een kast ≈ 1,5 m van de meterkastleidingen hangt een rode WTH-vloerverwarmingsverdeler met een eigen Grundfos UPS 25-40 180 (30/45/60 W, stekker eruit), een thermostatische mengklep met voeler (stand 5), een tweede thermostaatkop op de retour en thermometers A/R. Hij hangt met een T-stuk op leiding 3 en 4. Waarschijnlijk verwarmt hij de badkamervloer (navragen bij de vorige eigenaar). Hij is 4 jaar niet gebruikt.
Fase
Wat gebeurt er
Winter 2026–27
Afsluiters van de groep dicht (of twee kogelkranen op het T-stuk). Het oude water blijft uit het nieuwe systeem en de pomp blijft uit.
Voorjaar 2027
Lussen apart doorspoelen; pomp vervangen (Wilo Para / UPM3, 180 mm). Zuurstofsperre: met opdruk "EVOH / zuurstofdicht / DIN 4726" of Alu-PEX direct aansluiten, anders scheiden met een kleine platenwisselaar (V8). Pomp alleen laten draaien samen met pomp 2; mengklep op ≈ 30–35 °C.
Effect op het ontwerp: ≈ 5–15 L extra water; het expansievat van 18 L blijft genoeg (nodig ≈ 10,5 L).
6. Elektra
Bestaande meterkast
Aansluiting 3 × 25 A, slimme meter met P1-dongle (vermogen per fase zichtbaar).
Hoofdschakelaar ABB 3-polig 40 A.
Groepenkast Holec/Hafonorm (2003). Rij 1: aardlek ABB F204 A 40 A/30 mA met 2-polige kookgroep + 3 groepen B16. Rij 2: aardlek 40 A/30 mA met 3 groepen B16 (rookmelders). Maar 1 vrij module per rij → vol.
PV: aparte kleine kast met Noark RCBO B20 30 mA → Sungrow SH3.6RS. Blijft zo.
De fasen zoek ik met de P1-meter: waterkoker aan → welke fase springt; kookzones één voor één → de twee kookfasen; zonnig moment → negatieve fase = PV.
Strook uit het schema: bestaand + nieuwe WP-kast.
Nieuwe WP-kast (E1), naast de PV-kast
Hoofdschakelaar ABB 40 A (uitgangen)
└── voeding 6 mm²: L-a, L-b, N, PE ──► E1 WP-kast (opbouw, 12 modules)
├── E2 RCBO C16 30 mA type A (L-a) ── E6 kWh-meter ── 3 × 4 mm² ── E5 werkschakelaar ── Haier AW062
└── E4 RCBO 20 A 30 mA type A (L-b) ── 3 × 4 mm² (≤ 25 m) ── ATW-A03N
├─ 3-wegklep, pomp 2 (CN37), sensoren
└─ ingebouwd relais (2/4) ── 3 × 2,5 mm² ── element 2,5 kW
Kabels: 3 × 4 mm² buiten (XMvK/YMvK of H07RN-F, V11) · 3 × 4 mm² naar ATW · 3 × 2,5 mm² naar element · P/Q 2 × 0,75 mm² afgeschermd · 2-aderig BDR91 → CN13
Belasting in het slechtste geval (koude winteravond, alles aan): L1 ≈ 21 A, L2 ≈ 20 A (+ 11 A element alleen tijdens het legionella-uur), L3 ≈ 17 A (warmtepomp op max. 3,1 kW ≈ 22 A). De WP-kast wordt door het installatiebedrijf gebouwd, aangesloten en getest (ISDE).
7. Buitenunit
Geplande plek van de Haier tegen de voorgevel, achter het hek en naast de bergingsdeur.Plattegrond begane grond (voorkant). De boiler en het buffervat (twee rondjes) komen in de berging, direct achter de buitenunit. De leidingen naar binnen blijven dus kort.
Plaats: voorkant van het huis, de buren zijn akkoord.
Geluid: grens 40 dB(A) 's nachts / 45 dB(A) overdag op de perceelgrens (Bbl). AW062: geluidsvermogen 58 dB(A) → Quiet-modus 22:00–07:00, op de 6 meegeleverde rubberdempers en een verhoogde voet.
Vrije ruimte (IM p. 20): ≥ 250 mm achter de unit, ≥ 1.000 mm vrij voor de ventilator, bovenkant open.
R290 (IM p. 25): niet onder een raam of deur, niet bij kelderramen, ventilatieopeningen of een straatkolk, niet bij stopcontacten of buitenlampen.
Condens- en ontdooiwater naar een grindkoffer, niet op de stoep (ijzel) en niet in een put dicht bij de unit.
Leidingen door de voorgevel met UV-bestendige isolatie ≥ 30 mm; antivriesventielen laag en dicht bij de unit; Haier heeft ≈ 66 kPa restopvoerhoogte bij 1,03 m³/h (kring 1 vraagt ≈ 25–35 kPa).
8. Onderdelen en kosten
Het installatiebedrijf installeert alles (vereist voor ISDE); ik mag de materialen zelf kopen. ✅ = mijn keuze. Prijzen incl. btw, gecontroleerd op 2–4 november 2026.
Niet inbegrepen: arbeid van het installatiebedrijf, optioneel drinkwater-expansievat (€40–60), fase 2 vloerverwarming (≈ €175–540). Al in de dozen: Y-filter, 3 sensoren, bediening, ATW-A03N, 6 rubberdempers, afvoerbocht (Haier); T&P-ventiel (WT200V); magnesiumstaaf (WT60V).
Planning: deze week 3–4 offertes. Boiler en buffervat bestellen zodra een installateur klantgeleverde Haier-vaten accepteert. Overige onderdelen vóór ≈ 10 november. Geen leverdatum vóór ≈ 20 november → Nederlandse terugvaloptie. Doel: warm vóór 20 december.
9. Alle open punten in één tabel
Wat geen enkel Haier-document beslist. Punten met een vraagnummer staan op het forum; de rest regel ik zelf of met de installateur.
Uursimulatie van een gemiddeld jaar met de werkelijke maandopbrengst (5.520 kWh), KNMI-normalen voor de regio, 3.470 kWh ruimteverwarming en ≈ 1.195 kWh tapwater:
Warmtepomp ≈ 1.600 kWh/jaar, ≈ 75 % daarvan in november–maart.
Boiler opwarmen tussen 11–15 uur: 627 kWh (39 %) direct van de panelen, tegen 305 kWh bij opwarmen 's avonds. Daarom V5.
Saldering stopt op 1-1-2027, dus direct eigen verbruik wordt belangrijker.
In december/januari dekken de panelen maar 15–20 % van de warmtepomp.
Simulatie per maand.
11. Foto's en tekeningen
AI-impressie van het eindresultaat (geen foto).AI-impressie met nummers (geen foto; zie opmerkingen).Voorgevel van boven met de kamers.Plek van de buitenunit aan de voorgevel.Plattegrond: boiler en buffervat in de berging.Meterkast nu. 1 KW, 2 WW, 3 aanvoer, 4 retour. De VC8015 gaat eruit.Oude Eneco-afleverset (vóór verwijdering).Meterkast overzicht met de PV-groep.Groepenkast (2003): vol, PV op eigen RCBO.Schets van de specialist (3 nov.): zelfde principe.Haier AW062MUGHA (productfoto).WT200V: poorten en hoogtes (Haier).WT200V installatieschema (Haier).WT60V: 4 waterpoorten DN32, ontluchting, meetpoort.WT60V: Ø 482 × 738 mm.
12. Antwoordsjabloon
Wil je helpen? Kopieer dit sjabloon, plak het in je reactie op Tweakers en vul alleen de vragen in waar je iets over weet. De rest mag je gewoon weghalen. Zo kan ik de antwoorden per vraag terugvinden. Alvast heel erg bedankt!